Bermbeheer

Bermen zijn stukjes natuur langs de weg die in stand gehouden moeten worden. Klein wild kan zich in het kruidenrijk gras verschuilen en op rustige plekken nestelen ze zich zelfs. Ook zijn de bermen verbindingen tussen leefgebieden voor de diversiteit van fauna.

Doel van het bermbeheer

Doel van het bermbeheer is natuurlijk veiligheid, maar ook de diversiteit in de bermen. Door op diverse plaatsen niet of weinig te maaien, stimuleren we meer diversiteit in de begroeiing. Dit komt ten goede aan de vlinders, bijen en andere insecten. Gazonbeheer past daar niet bij, hierdoor ontstaat er vaak maaischade aan bomen en andere obstakels die in de berm staan. Laat de berm de berm zijn en maak er geen gazon van.

Het maaien

Het maaien is ingedeeld op wegtype.

  • Wegtype 1: Drukke doorgaande wegen buiten de bebouwde kom.
    Veiligheid is hier prioriteit. Het beheer bestaat hier uit 2x per jaar klepelen, het maaisel laten we liggen. Vaak wordt bij de eerste maaironde de eerste meter gemaaid en bij de tweede maaironde de hele berm. Ook worden de moeilijk overzichtelijke plekken (zoals sommige kruispunten) 3x geklepeld.
  • Wegtype 2: Zandwegen en ontsluitingswegen van akkers.
    Deze bermen worden pas gemaaid als na schouwen blijkt dat dit nodig is. Het maaisel wordt hier afgevoerd. Deze bermen bieden mogelijkheden voor ecologische ontwikkelingen.
  • Wegtype 3: Doorgaande wegen buiten de kom die minder druk zijn.
    Hier wordt 1x per jaar geklepeld, het maaisel blijft liggen. Het klepelen gebeurt tegelijk met de tweede maaibeurt van de wegtype 1-bermen.
  • Wegtype 4: Minder drukke wegen buiten de kom met een voedselarme berm waar ecologische ontwikkeling wordt gestimuleerd.
    Het beheer bestaat uit 1x per jaar maaien en afvoeren van het maaisel. Op die manier willen we tot verschraling van de berm komen en biodiversiteit bevorderen.

Wist u dat?

  • Klepelen is een ecologische maaimethode waarbij het gras fijngeslagen wordt met draaiende stalen cilinders. Het maaisel blijft achter in berm, composteert daar en verrijkt zo de bodem.
  • Hondenhaar en stof uit de wasdroger in een sinaasappelnetje aan een boom of een tak hangen is mooi materiaal voor de vogels.

Tips

  • Afval hoort in een prullenbak. Neem het afval dat u onderweg ziet liggen mee naar huis. Bijvoorbeeld steeds één blikje of flesje.
  • Geniet tijdens het dagelijkse ommetje van de grillige vormen van de bomen.
  • Let eens op de heggen waarin mussen beschutting zoeken.
  • Laat de oude zaadrijke planten liggen, voer de tuinvogels en zorg tijdens de vorst voor drinkwater zodat we een goede basis hebben voor het voorjaar.
  • Veeg in februari de vogelhuisjes schoon. Laat oude zaadrijke planten minstens tot maart liggen.
  • Strooi in de winter zo weinig mogelijk zout, maar gebruik eerst de sneeuwschuivers om uw pad/trottoir sneeuwvrij te houden.
  • Gebruik alleen zout bij flinke vorst.